Verder lezen in nieuwsbericht : PGS15 VASTGESTELD per 28.6.2005.

PGS15 VASTGESTELD per 28.6.2005., 29-8-2005
Daarmee zijn feitelijk de richtlijnen CPR 15-1, CPR 15-2 en CPR 15-3, evenals de opslageisen voor enkele stoffen die onder de richtlijn CPR 3 (organische peroxiden) vallen, vervangen. Op 7 juli 2005 is er al een (1ste ) Erratablad m.b.t. Hoofdstuk 3.2 van de PGS 15 bijgekomen. Zowel de PGS15 als het Erratablad is te downloaden op de website van het Ministerie van VROM, maar uiteraard ook van de site van Hiltra Barneveld B.V. TOEPASSINGSBEREIK PGS 15: De PGS 15 is van toepassing voor die bedrijven die krachtens de Wet Milieubeheer, en gerekend vanaf de vaststellingsdatum van de PGS 15, een milieuvergunning moeten aanvragen. BESTAANDE SITUATIES: Bestaande onder de CPR 15-richtlijnen gerealiseerde en vergunde situaties worden geacht nog steeds aan de stand der techniek te voldoen, m.u.v. die opslagen waarin brandbeveilingsinstallaties zijn aangebracht die niet adequaat zijn om een brand in de opslag te beheersen of te blussen. CPR 15-RICHTLIJNEN BLIJVEN NOG VAN TOEPASSING!! Voor bedrijven (of liever branchegroepen) waarvoor zgn. 8.40 AMVB’s van toepassing zijn, is de PGS 15 nog niet relevant; immers in die AMVB’s wordt nog steeds verwezen naar de CPR 15-richtlijnen, die dus tot het VROM ook deze AMVB’s heeft aangepast, van kracht blijven. Ook voor bedrijven die de aanvraag voor de milieuvergunning hebben ingediend voor de vaststellingsdatum van de PGS 15 zal de aanvraag onder de toen geldende CPR 15-richtlijn(en) moeten worden afgehandeld. KENMERKENDE VERSCHILLEN PGS 15 VERSUS CPR 15 IN KORT BESTEK: Onder de PGS 15 is/wordt: > de totaal aanwezige hoeveelheid gevaarlijke stoffen binnen een inrichting (de juridische term voor "het bedrijf" of "de instelling" en dus niet meer de individuele opslagplaats) maatgevend voor de toepassing van de PGS 15. > voor de werkingssfeer en bepaling van de gevaarsaspecten van de stoffen gebruik gemaakt van de ADR-classificaties. > geen onderscheid meer gemaakt tussen traditioneel gebouwde en geprefabriceerde opslagoplossingen. > de brandwerendheidseis uitsluitend gerelateerd aan de afstanden van de opslagplaats tot tot de inrichting behorende gebouwen (G), de erfgrenzen (E), brandgevaarlijke objecten (BO) en plaatsen waar brandgevaarlijke activiteiten (BA) plaatsvinden. Vuistregel is: > afstand opslagplaats tot G/E/BO/BA = 0 meter (of inpandig) : 60 minuten > afstand opslagplaats tot G/E/BO/BA = 5 meter : 30 minuten > afstand opslagplaats tot G/E/BO/BA = 10 meter : 0 minuten. Een opslagplaats wordt beschouwd als een brandcompartiment en dient tenminste een WBDBO (weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag) te bezitten zoals hiervoor is aangegeven overeenkomstig de norm NEN 6068. > aparte eisen gesteld voor de opslag van (transport-)containers met gevaarlijke stoffen, gasflessen en spuitbussen & gaspatronen. > aparte eisen gesteld voor opslag van sommige klasse 5.2 organische peroxiden. > de compartimenteringsregel "soepeler" gesteld. > de opvangvolumes m.b.t. de opvang van ontvlambare stoffen "verlaagd". > voor (bouwkundige) vloeren wordt vloeistofdichtheid gerelateerd aan de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB) bedrijfsmatige activiteiten. > voor brandveiligheidskasten die vanaf 1.1.2006 worden aangekocht de nieuwe Europese kastennorm EN 14470-1/2004 gehanteerd, waarin 3 verschillende brandklassen kasten en per brandklasse een apart toepassingsbereik. EN VOOR WAT BETREFT UW SPECIFIEKE VRAGEN! Staat er bij Hiltra Barneveld B.V. een specialitisch team dat U met adequaat advies en een keur aan producten terzijde kan staan paraat, ..... al 25 jaar overigens.

Naar de lijst met nieuws berichten . . .